Boekbinden en urban sketching in de gevangenis van Mechelen

In de gevangenis van Mechelen vond onlangs een bijzondere workshopreeks plaats. Deelnemers maakten eerst hun eigen schetsboek en gingen daar nadien creatief mee aan de slag tijdens twee sessies urban sketching. Kunstenaar en lesgever Sander Demeester begeleidde het traject. We spraken hem over het ontstaan van het idee, de ervaring in detentie en de kracht van creativiteit.

 

Van schetsboek tot verhaal

Het idee om boekbinden te combineren met tekenen kwam er niet toevallig.
“Ik ben zelf beginnen boekbinden omdat ik op zoek was naar een schetsboek waarin ik goed met waterverf kon werken,” vertelt Sander. “Via YouTube leerde ik mezelf technieken aan. Mijn schetsboeken zijn een soort dagboeken waarin ik kleine momenten vastleg. Wanneer je in een zelfgemaakt boek tekent, voelt dat plots heel intiem.”

Die persoonlijke insteek vormde ook de basis van de workshops. Tijdens de eerste sessie maakten de deelnemers hun eigen schriftje. In de twee volgende sessies leerden ze hoe ze een tekening opbouwen: van potloodschets tot fineliner en waterverf. “We hadden het ook over compositie en storytelling. Hoe breng je een beeld tot leven? Hoe vertel je een verhaal in één tekening?”

 

Tekenen binnen muren

Urban sketching draait vaak om het observeren van je omgeving. Maar wat als die omgeving beperkt is?
“In een arresthuis zoals Mechelen verblijven mensen maar kort. Het idee om die periode vast te leggen in schetsen leek me interessant,” zegt Sander. “Tegelijk was het ook een uitdaging. De vormingszaal was niet meteen inspirerend en we konden niet zomaar naar buiten.”

 

Die beperking leidde tot verrassende resultaten. “Sommige deelnemers begonnen te fantaseren. Ze tekenden bijvoorbeeld hun droomhuis. Dat was mooi om te zien: hoe verbeelding een nieuwe ruimte opent wanneer de fysieke ruimte beperkt is.”

 

Sander bracht ook zijn eigen werk mee als inspiratie. Eind vorig jaar publiceerde hij een boek met zeventig tekeningen van Mechelen. “Ik teken vaak plekken die niet meteen voor de hand liggen, maar die een verhaal hebben. Ik fiets regelmatig langs de gevangenis en vraag me dan af wat er zich achter die muren afspeelt. Het was bijzonder om dat nu samen met de deelnemers te kunnen verbeelden.”

 

Een warme en betrokken groep

Voor Sander was het niet de eerste keer dat hij in een gevangenis werkte. “Tien jaar geleden begeleidde ik een graffiti-traject in Turnhout. Dat is me altijd bijgebleven. Toen ik later met urban sketching en boekbinden begon, wilde ik daar graag opnieuw iets mee doen.”

 

De sfeer tijdens de workshops verraste hem positief. “De deelnemers waren heel vriendelijk en dankbaar. Het was al een tijd geleden dat er nog vrijetijdsaanbod was, dus ze keken er echt naar uit. Ze hielden elkaar ook in toom en moedigden elkaar aan.”

 

Dat onderlinge support werd vooral zichtbaar tijdens het maakproces. “Niet iedereen had de techniek meteen onder de knie. Maar deelnemers begonnen elkaar spontaan te helpen. En toen de boekjes af waren, zag je echt trots. Dat moment waarop iemand zijn eigen schetsboek vastheeft, is bijzonder.”

 

Meer dan tekenen alleen

Creatief werken kan veel betekenen voor mensen in detentie, merkt Sander.
“Voor mij is tekenen iets therapeutisch. Het helpt om in het moment te zijn, om te observeren en kleine details op te merken. Het is ook een manier om verhalen te vertellen en dingen te verwerken.”

 

Dat zag hij ook terug bij de deelnemers. “Iedereen ging er op zijn eigen manier mee om. De ene maakte een boekje voor zijn zoontje, de andere gebruikte het om te dromen over het leven na detentie. Die persoonlijke invulling vond ik heel sterk.”

 

Het tastbare resultaat speelt daarin een belangrijke rol. “Je maakt iets dat echt van jou is. Iets dat je kan bijhouden of cadeau geven. Dat geeft betekenis.”

 

 

 

 

Kunst als brug

Voor De Rode Antraciet zijn dit soort projecten essentieel. Ook Sander ziet duidelijk waarom.
“Dit was de eerste activiteit na een lange periode zonder aanbod. Je voelde hoe belangrijk dat is voor mensen. Ze waren dankbaar en gemotiveerd om er iets van te maken.”

 

Daarnaast ziet hij ook een brug naar de buitenwereld. “Tekeningen zijn een universele taal. Ze kunnen tonen hoe mensen in detentie naar hun omgeving kijken. Op die manier maken ze hun wereld een beetje zichtbaar voor mensen buiten de muren.”

 

Wat hoopt hij dat deelnemers meenemen uit dit traject?
“Dat tekenen hen kan helpen om hun dag te verwerken. Als ze dat blijven doen, ook na hun detentie, zou dat heel mooi zijn.”