In de aanloop naar de tweede speelreeks van de operavoorstelling Barzakh kwamen op 3 december in een blinkende foyer van het operagebouw in Antwerpen zes experten bij elkaar om in gesprek te gaan over de staat van het Belgische gevangeniswezen. Centraal stond de vraag die op het eind van Barzakh klinkt: ‘Wie können wir das ändern, dass sowas nicht nochmal passiert?’
De voorstelling – geschreven door regisseur Thomas Bellinck samen met mensen die in Belgische gevangenissen verblijven – bevraagt hoe we als samenleving omgaan met straf, schuld en herstel. Meer dan een jaar na de première in Gent is er nog weinig veranderd, dat maakt de aanhoudende stroom aan zorgwekkende berichten over onze gevangenissen dagelijks duidelijk. Hoe kunnen we dat anders doen? Hoe kunnen we het systeem veranderen, zodat mensen die een misdrijf hebben gepleegd opnieuw deel uitmaken van de samenleving en niet meer dezelfde fouten begaan?
Journaliste Heleen Debeuckelaere (De Standaard) startte vanuit deze vragen het debat met:
- Nick De Ridder (actief in de bijzondere jeugdzorg, heeft een verleden in detentie)
- Brecht Verbrugge (penitentiair arts)
- Farah Focquaert (professor filosofie UGent)
- Noa Shoshan (RESCALED – Europese organisatie voor kleinschalige detentie)
- Mathilde Steenbergen (directeur-generaal van het Belgische gevangeniswezen)
- Hans De Waele, afdelingsvoorzitter van de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen
Aanvangspunt van het gesprek zijn de elke dag nieuwe records brekende overbevolkingscijfers in onze gevangenissen: vandaag moeten er in ons land 672 mensen op de grond slapen. We mogen ons echter niet blindstaren op de problematiek van de overbevolking, argumenteert Verbrugge. Ook zonder deze crisis blijft ons detentiesysteem fundamenteel verkeerd. Dat erkent ook Steenbergen: ‘als het probleem van de grondslapers is opgelost, is het totale probleem niet opgelost.’ Zij zou graag beleid voeren om het detentielandschap te hervormen, maar komt enkel toe aan het oplossen van acute problemen.
Falende samenleving
De instroom van mensen in detentie moet drastisch naar beneden, dat ziet het hele panel als een deel van de oplossing. Slechts een heel klein percentage van de mensen die nu in de gevangenis verblijven, zijn een gevaar voor de samenleving. De grote meerderheid hoort er niet thuis. Er wordt steeds geschermd met het grote aantal mensen zonder recht van verblijf in onze gevangenissen, maar die mensen zitten er omdat ze voor een ander soort straf niet in aanmerking komen. In vele gevallen hebben ze feiten gepleegd waarvoor een ander nooit naar de gevangenis zou moeten. Dat zien we ook terug in de cijfers, verduidelijkt Steenbergen, deze mensen zitten in voorarrest (en vaak veel te lang) maar het percentage dat doorstroomt naar de strafhuizen is opmerkelijk lager dan bij de rest van de bevolking in de arresthuizen. Volgens Verbrugge toont dit ook aan waar de samenleving faalt. We investeren veel te weinig in preventie zoals kwalitatieve buurtwerking, een waardig asielbeleid, goede geestelijke gezondheidszorg, enzovoort.
Het pijnlijkste is natuurlijk, zo legt De Ridder uit, dat de gevangenis averechts werkt. De straf die wordt opgelegd is vrijheidsberoving, maar wat detentie nu vooral doet is dehumaniseren. De toestand in veel gevangenissen is zo triest, dat je nooit beter uit het systeem komt. Zelf werkt hij met kwetsbare jongeren en kent de situatie in de jeugdinstellingen goed. 7 op de 10 jonge mensen die daar belanden komen later in de gevangenis terecht. Hij ziet ook dat steeds meer kinderen die binnenkomen voor een VOS-traject (Verontrustende Opvoedingssituatie) terugkeren naar de jeugdzorg met een MOF-statuut (Misdrijf Omschreven Feit). Ze verging het hemzelf ook. Hij liep door zijn problematische kindertijd PTTS op, dat in zijn periode in detentie nog werd gevoed en waarvoor hij nog steeds in behandeling is. Hij is naar eigen zeggen ‘gebroken buitengekomen’ uit de gevangenis.
Ongelijkheid en individualisme als motor van criminaliteit
Niemand wordt geboren als misdadiger, stelt Focquaert. Ongelijkheid is in haar optiek de motor van criminaliteit. We kiezen niet waar onze wieg staat en waar we opgroeien. Maar het zijn die factoren die een bepalende rol spelen in het verdere verloop van iemands leven. Mensen hebben veel minder vrije wil dan ze zelf denken. Helaas is ook onze maatschappij daar niet van overtuigd. Die is bijzonder individualistisch georiënteerd: ‘als mensen een misstap begaan is het vooral hun eigen fout’, terwijl net meer collectief denken ons vooruit zou helpen.
Eigenlijk is er een wetenschappelijke consensus dat de gevangenis zoals die nu bestaat niet werkt. Maar het vraagt politieke moed om grondige aanpassingen te doen: strafverlaging, decriminalisatie,… Het is aan ons – wetenschappers, ambtenaren, experten, ervaringsdeskundigen – om politici die inzichten mee te geven. Daartoe kan ook deze voorstelling bijdragen.
De Waele leest een hoopvol signaal in het nieuw Strafwetboek dat de komende jaren in werking zal treden. Het vorige stamt uit 1867 (!). Rechters hebben met het nieuwe wetboek veel meer mogelijkheden om een straf op maat op te leggen. Een gevangenisstraf wordt, althans voor lichtere feiten, het ultimum remedium. Een voorzichtige stap in de goede richting.
Thomas Baeckens, sport- en cultuurfunctionaris, gevangenis Antwerpen
Meer info over de voorstelling Barzakh: